Lightly child, lightly…

We leven momenteel in onrustige tijden, waarin we allemaal op ons nog compleet onbekend terrein lopen. Niemand van ons heeft dit ooit eerder meegemaakt. Niemand weet precies waar dit heen gaat en hoe de wereld er over een aantal weken, maanden of jaren uit zal zien. Niemand kan de ‘ultieme’ antwoorden geven die we nu zo graag zouden willen horen om een houvast te hebben.
Iedereen moet nu zelf een modus vinden in hoe om te gaan met deze tijd van transitie waarin we ons nu bevinden. En ieder doet dat op zijn of haar eigen manier.

Veel mensen die voorheen structureel tijd tekort kwamen en nu opeens meer ‘vrije tijd’ hebben dan voorheen, storten zich op allerlei nieuwe projecten. Ik zie mensen voortvarend aan de slag gaan om een nieuwe taal te leren; anderen die besluiten nu eindelijk eens dat boek te schrijven dat ze al zo lang in hun hoofd hebben; weer anderen die zich opeens op online business-ideeën storten vanuit een overtuiging dat ‘the show must go on’ en een gespannen idee dat er nu kansen gepakt moéten worden die anders wellicht aan hun neus voorbij zouden gaan.

Mensen die geneigd waren altijd bezig te zijn, storten zich nu massaal op allerlei projecten en nieuwe activiteiten. Sommigen doen dat omdat ze dat oprecht prettig en leuk vinden; anderen omdat ze niet gewend zijn niét te rennen en ze heel onrustig worden wanneer ze hun pas vertragen.

Ieder heeft zijn eigen coping-mechanismen, eigen manieren om om te gaan met tijden die rijk zijn aan spanningen en uitdagingen. En het is van groot belang dat we ieder de eigen manieren láten die voor hen behulpzaam zijn. Juist in tijden van grote stress, spanning en/of crisis worden we compleet teruggeworpen op onszelf en een crisis kúnnen we alleen maar aangaan en overkomen door héél dichtbij onszelf te blijven, bij dat wat werkt voor ons – wat dat dan ook is.

Dus laat de ‘actievelingen’ actief zijn, als dat is wat hen nu helpt.
Laat de ‘renners en vliegers’ rennen en vliegen, als dat is wat hen helpt.
Laat de ‘activisten’ hun acties voeren, als dat is wat hen helpt.
Laat de ‘wereldverbeteraars’ die ogen van anderen pogen te openen doen wat zij nu doen, als dat is wat hen helpt.
Laat de ‘rebellen’ rebelleren tegen de dingen waar zij tegen ageren, als dat is wat hen helpt.
Laat degenen die ook in tijden van thuisisolatie een enorm druk sociaal leven onderhouden, nu middels de digitale verbindingsmogelijkheden, doen wat zij doen als dat is wat hen helpt.
Maar laat je niet wijs maken dat ook jij nu opeens van alles zou moeten doén, als je het gevoel hebt dat je daar nu helemaal niet toe in staat bent.

Aldous Huxley verwoordde het prachtig, in zijn boek ‘Island’:

“It’s dark because you are trying too hard.
Lightly child, lightly. Learn to do everything lightly.
Yes, feel lightly even though you’re feeling deeply.
Just lightly let things happen and lightly cope with them.”

En als je aan het einde van de dag tot de conclusie komt dat het enige dat je die dag gedaan hebt jezelf overeind houden was, weet dan dat dat helemaal oké is. Dat dat genoeg is. En dat dat van alle dingen die je zou hebben kunnen doen het aller-, allerbelangrijkste is.

☼ © Sharon Kersten, 07-04-2020

Communicatie in tijden van isolatie (en niet alleen dan): gun elkaar je stem

Er zijn talloze kleine en grote(re) dingen die van jou een uniek individu maken. Dingen waarmee je je onderscheidt van anderen; dingen die zo specifiek aan jou toebehoren dat ze door een ander niet of nauwelijks na te bootsen zijn.
Eén van die dingen, is je stem. De klank van jouw unieke stemgeluid.

Zoals jij klinkt, wanneer je gewoon je eigen stemgeluid produceert, klinkt niemand anders. En in de klanken van jouw stem ligt een schat aan waardevolle informatie besloten – voor wie kan luisteren en kan voelen.

Een wereld vol woorden

We leven in een wereld waarin we veelvuldig worden blootgesteld aan woorden. De tijd waarin onze voorgangers nog louter communiceerden middels klanken, ligt ver achter ons en op het uiten van oerkreten kijken we vaak laatdunkend neer. Wij hebben dat soort ‘basale’ en primitieve communicatievormen immers niet meer nodig, vinden we: wij hebben woordentaal nu, om te communiceren met elkaar! We beschikken over immense registers van woorden waaruit we kunnen putten om dat wat we willen uiten, over te brengen aan een ander.

Maar er is één groot probleem met woorden, waar we ons vaak veel te weinig van bewust zijn. Woorden zijn symbolen die verwijzen naar iets. Woorden zijn nooit ‘het ding zelf’. Het woord ‘dak’ is zelf geen dak; het is een verwijzing naar iets dat we ‘dak’ zijn gaan noemen. Het woord ‘stoel’ is zelf geen stoel; het is een verwijzing naar iets dat we ‘stoel’ zijn gaan noemen. Het woord ‘honger’ is zelf geen honger; het is een verwijzing naar een fysieke sensatie die we ‘honger’ zijn gaan noemen. Het woord ‘verdriet’ is zelf geen verdriet; het is een verwijzing naar een gevoel dat we onder de noemer ‘verdriet’ zijn gaan scharen.

Zeeën van woorden, oceanen van symbolen

Elk woord is een serie letters die verwijst naar iets dat bestaat in datgene wat wij de realiteit noemen. En wanneer we communiceren middels verwijzen naar, gaat er altijd iets verloren. Dat is onvermijdelijk. Er bestaan immers geen woorden die 100% exact overbrengen aan de ander wat wij precies bedoelen. Elk woord dat we uiten, is een verwijzing naar iets dat wij op dat moment willen communiceren en is aldus een symbool voor iets. En dat symbool moet door degene die onze woorden verneemt, worden geïnterpreteerd, geduid, om – enigszins – begrepen te kunnen worden.

We hebben het doorgaans niet in de gaten, zijn ons er vaak maar nauwelijks van bewust, maar communiceren middels woorden is een zeer complex proces waarin van alles mis kan gaan en het is eigenlijk bewonderenswaardig dat het ons vaak zowaar lúkt datgene over te brengen wat we willen overbrengen middels de woorden die we gebruiken. Er kan immers zó veel mis gaan wanneer we ons moeten behelpen met woorden die nooit een 100% accurate weergave kunnen zijn van wat we precies willen communiceren.

Degene die een woord uit, dient heel zorgvuldig het juiste ‘symbool’ (woord) te kiezen dat het beste de lading dekt van dat waarover hij/zij iets wil uiten. En welk woord ook gekozen wordt: het zal nooit een 100% volledige dekking geven. Om dat probleem te ondervangen, gaan we vaak op zoek naar ‘extra woorden’, die hopelijk beter duidelijk maken wat we wél precies bedoelen. In plaats van te verwijzen naar slechts een ‘dak’, kunnen we het dan bijvoorbeeld hebben over een ‘rood, spits, langwerpig dak’: door extra woorden toe te voegen die elk op hun beurt weer naar specifieke dingen of aspecten verwijzen, hopen we zo goed mogelijk over te brengen waar we nou eigenlijk precies aan refereren. En hoewel dit kan helpen om de ontvanger van onze woorden beter in staat te stellen in te zoomen op wat we nou precies bedoelen, is het een feit dat we op die manier steeds méér woorden nodig hebben om ‘duidelijk’ te zijn – steeds méér woorden, steeds méér symbolen die allemaal weer geïnterpreteerd moeten worden. We zwemmen in zeeën van woorden, oceanen van symbolen, en hebben een monnikenwerk te verrichten om te voorkomen dat we elkaar gaandeweg onze communicatie steeds mínder goed gaan begrijpen.

Communicatie of krommunicatie?

In elke fase van het woordelijke communicatieproces is er is heel veel ruimte voor ‘ruis’, een verstoring van de boodschap die we willen overbrengen. Er kan in woordelijke communicatie van alles misgaan waardoor communicatie tot ‘krommunicatie’ verwordt: een ‘kromme’ communicatie die de plank misslaat, die niet in staat is over te brengen wat we wílden overbrengen en die met een beetje pech leidt tot onbegrip en afstand, in plaats van tot begrip en aaneengeslotenheid.

Bijgaande afbeelding laat zien hoe een communicatieproces in de basis in elkaar zit:
er is een zender, een boodschap die middels een bepaald kanaal (medium) wordt gecommuniceerd, en een ontvanger. En bij elk van deze elementen kan er ruis optreden: een verstoring die ertoe leidt dat de boodschap ánders wordt geïnterpreteerd dan de zender het bedoelde. Sterker nog, bij elk element zál er enige mate van ruis optreden, simpelweg omdat dat niet anders kan. De ‘zender’ en de ‘ontvanger’ zijn immers mensen, hetgeen per definitief een mate van subjectiviteit in de communicatie brengt, en de woorden die gebruikt worden zijn symbolen die per definitie geen ‘ding op zich’ zijn maar een verwijzing náár iets zijn.

Elke zender moet uit de zee van woorden die tot zijn beschikking staat, precies dié woorden zien te kiezen die als symbool het méést de lading dekken van dat wat de zender wil overbrengen. Maar zoals eerder al gesteld: welk woord hij ook kiest, het zal nooit een 100% correcte weergave zijn van dat waar de zender aan refereert. Zo bezien start elke communicatie dus al met een bepaalde mate van ruis, waarbij in elk geval een deel van dat wat de zender eigenlijk wil communiceren al verloren gaat.

Aan de ontvanger van de boodschap vervolgens de schone taak dat wat gecommuniceerd is zo correct mogelijk te duiden, te interpreteren. En dat kan de ontvanger alléén maar doen door gebruik te maken van de eigen, strikt persoonlijke, ‘database’ aan informatie waarover híj beschikt. Elke interpretatie die we maken, kunnen we alleen maken aan de hand van de informatie die wíj in ons dragen. Wanneer we het woord ‘dak’ vernemen, vormt zich in ons een beeld van wat wíj onder ‘dak’ verstaan. Wanneer we het woord ‘verdriet’ vernemen, duiden we dat als het gevoel dat wíj hebben wanneer we in een staat van zijn verkeren die we als ‘verdriet’ zijn gaan labelen. Maar het is helemaal niet gezegd dat ónze interpretatie, onze ‘decodering van de boodschap’, overeenkomt met wat de zender van de boodschap beoogde te verzenden… Ook als ontvanger van een gecommuniceerde boodschap zijn we niet vrij van de inbreng van ruis in het geheel; ook óns aandeel in de communicatie kan niet anders dan garant staan voor een bepaalde mate van ruis.

De interpretaties die we maken bij het tot ons nemen van woorden, kunnen niet anders dan zeer persoonlijk zijn – zeer subjectief, enorm gekleurd door hoe wíj de wereld, en de wereld van woorden, kennen en door de strikt persoonlijke ‘symbolencatalogus’ die óns ter beschikking staat.

En dan hebben we nog te stellen met de invloed van het ‘kanaal’ dat we kiezen voor het overbrengen van onze woordelijke boodschap. Kiezen we voor het geschreven woord, of voor het gesproken woord? Besluiten we te mailen, te appen, te bellen, te videobellen of elkaar te spreken in fysieke nabijheid? Elk specifiek ‘kanaal’ heeft een invloed op het effect dat onze communicatie zal sorteren en elk specifiek kanaal kent een specifieke ‘ruisfactor’. Daar staan we vaak niet bij stil, maar het is een goede gewoonte je hier wél bewust van te zijn.

Als je bovenstaande informatie goed tot je door hebt laten dringen, is je nu duidelijk dat élke communicatie die plaatsvindt een enorm risico op mis-communicatie en mis-interpretatie met zich meebrengt en dat we er nooit van uit zouden moeten gaan dat wat wij beogen te communiceren, ook als zodanig ontvangen wordt.

Zorgvuldig omgaan met communicatie behelst veel méér dan alleen maar respectvol tegen elkaar praten, geen kwetsende woorden gebruiken en de ander in zijn/haar waarde laten. Zorgvuldig omgaan met communicatie betekent ook oog hebben voor de dingen die zojuist benoemd zijn en je verantwoordelijkheid dragen voor jouw aandeel in de complexe processen die we ‘communicatie’ noemen. Het vraagt ons bewust te zijn van de woorden die we kiezen, de manco’s die dat met zich meebrengt, de subjectiviteit van onze interne referentiesystemen, de per definitie subjectieve positie van de ontvanger van onze communicatie én de invloed van de kanalen die we kiezen om te communiceren.

Kies je kanaal met zorg, om onnodige ruis te voorkomen

Ten aanzien van het kanaal dat we kiezen om te communiceren geldt natuurlijk dat een ‘onrustig’ kanaal zal bijdragen aan onrust in de communicatie, hetgeen de kans op ruis enorm vergroot. Met iemand videobellen terwijl er een hoop kabaal op de achtergrond aanwezig is en er met regelmaat andere mensen door het beeld heen lopen, is niet behulpzaam wanneer we onnodige ‘ruis’ willen voorkomen – noch voor de zender, noch voor de ontvanger.

Maar dat soort externe factoren zijn niet de enige dingen die ‘onnodige ruis’ in de communicatie kunnen brengen. Onnodige ruis kan ook ontstaan wanneer we simpelweg niet het kanaal kiezen dat zich het beste leent voor datgene wat we willen overbrengen. Niet elk kanaal is evengoed in staat over te brengen wat we willen overbrengen. En ‘ruis’ komt in vele vormen – vaak heel anders dan je zou denken.
Om duidelijk te maken wat ik hiermee bedoel, wil ik je vragen onderstaande gekleurde zin héél goed tot je door te laten dringen. Het is een essentieel gegeven in communicatieland, waar elke communicatie-deskundige van op de hoogte is:

Het effect van jouw communicatie wordt grotendeels bepaald
NIET door je woorden, maar door heel andere zaken.

Wij, wereldburgers die rondlopen in een ‘wereld van woorden’, zijn zó enorm aan woorden gaan hangen dat we goeddeels vergeten zijn dat woorden slechts een déél zijn van de vele manieren waarop we communiceren en dingen overbrengen aan anderen. De kans is groot dat jij bij het horen van de term ‘persoonlijke communicatie’ vrijwel direct denkt aan woorden, aan taal, aan tekst: aan die dingen die wij een heel belangrijke plek hebben toegekend in ons leven en waarmee we zo veel informatie uitwisselen, elke dag weer.

Maar het is een feit dat woorden slechts 7 % (!) uitmaken van elke interpersoonlijke communicatie die plaatsvindt.

Wat in een communicatieproces bepalend is voor hoe onze communicatie overkomt op een ander, wordt voor meer dan de helft (55%) bepaald door onze lichaamstaal (beweging, houding, mimiek) en wordt voor 38% bepaald door ons stemgebruik, de toon van onze stem, het spreektempo dat we hanteren en de pauzes die we laten vallen. De woorden die we gebruiken, zijn slechts voor 7% bepalend voor de boodschap die we uitdragen.

Wil je zo goed mogelijk begrepen worden, met zo min mogelijk ruis, dan is het dus raadzaam een kanaal te kiezen waarin je zoveel mogelijk ‘je hele zelf’ kunt meenemen in het communicatieproces. Zodat de ontvanger van je boodschap veel beter in staat is te ‘ontvangen’ wat jij beoogt te communiceren, doordat hij/zij ook je stem hoort, je lichaamstaal ziet, en op die wijze allerlei ‘clues’ krijgt die veel beter duidelijk maken wat je precies bedoelt dan alleen woorden kunnen doen.

Wanneer we kiezen voor een kanaal dat slechts uit woorden bestaat, zal de ontvanger van de boodschap helemaal zélf moeten invullen hoe wij de boodschap waarschijnlijk bedoeld hebben. En zoals ik hierboven al aangaf: aan zo’n ‘invullingproces’ zitten enorm veel haken en ogen.
Wanneer de ontvanger van onze boodschap ons echter ook kan hóren en bij voorkeur ook kan zién, ontvangt de ontvanger tegelijk met de woorden ook een heleboel andere informatie die hem/haar enorm zal helpen de boodschap op de ‘juiste’ manier te interpreteren, te duiden, te decoderen, te ‘plaatsen’. Wanneer je iemands stem hoort, kun je horen en voelen hoe iemand iets (waarschijnlijk) wel of niet bedoelt. Wanneer je iemands mimiek ziet, een lichaamshouding waarneemt, de trekken in het gezicht ziet, spierspanningen opmerkt en in de ogen kunt kijken, kun je zien en voelen hoe iemand iets (waarschijnlijk) wel of niet bedoelt. Dit alles helpt enorm bij het realiseren van een zo transparant en ruis-vrij mogelijk communicatieproces. De aanwezigheid van ‘beeld’ en ‘stem’ in communicatieprocessen maakt een verschil dat werkelijk immens is.

Gun de ander – en jezelf – op zijn minst je stem

Ik vertel het de mensen die ervoor gekozen hebben met mij samen te werken aan hun processen van persoonlijke groei en ontwikkeling al vele jaren: voeg, als het ook maar enigszins mogelijk is, altijd op zijn minst je stem toe aan je persoonlijke communicatie met anderen. Zodat de ander beter kan begrijpen ‘waar je zit’ en vanaf welke ‘plek’, vanuit welke staat van zijn, voelen of beleven, de woorden worden geuit die je uit.

We zijn allemaal ontzettend gewend geraakt aan het communiceren per geschreven tekst, in vroeger tijden per brief, later per e-mail, vervolgens per sms en inmiddels per Messenger, WhatsApp en korte ‘posts’ her en der online, vaak gereduceerd tot slechts een aantal korte woorden of zelfs alleen nog maar een aantal emoji’s. En hoewel het kan soms heel efficiënt kan zijn ‘even snel’ op één van die manieren iets te communiceren, is het een feit dat de kans op miscommunicatie hand in hand toeneemt met de mate waarin we onze communicatie meer reduceren tot ‘platgeslagen woorden’ die slechts een fractie overbrengen van alles wat overgebracht zou moéten worden om goed begrepen te kunnen worden door de ontvanger.

Hoe ‘platter’ de communicatie, hoe groter de kans op miscommunicatie.

En hoe ‘sneller’ het kanaal, hoe sneller er misverstanden kunnen ontstaan – doordat we té snel ageren en reageren, doorgaans zonder rustig even de tijd te nemen zorgvuldig na te denken over wat en hoe we zelf communiceren en hoe dat kan overkomen op een ander en vaak ook zonder de moeite te nemen de ander te vragen hoe hij of zij iets bedoelde met de ‘platte’ communicatie die ons bereikte.

Ik spreek voor mijn werk wekelijks vele tientallen mensen en spreek de laatste jaren bij de vleet mensen die in een vervelend conflict terecht zijn gekomen (met hun partner, een vriend of vriendin, een familielid of een collega) doordat er ‘iets misging’ in geschreven communicatie – vrijwel altijd in online communicatie en in de meeste gevallen in communicatie per Messenger of WhatsApp. De berichtjes en emoji’s vliegen in dat soort scenario’s veelvuldig over en weer, in een rap tempo, en hand in hand daarmee vliegen ook de invullingen, de aannames en impulsieve uitingen van puur reactionair gedrag over en weer. Met vaak desastreuze gevolgen die niet zo 1-2-3 weer even recht te zetten zijn. Want er wordt véél gezonden, gestuurd, afgevuurd, ingevuld, aangenomen, anders geïnterpreteerd dan het bedoeld was, in vaak heel korte tijd. En voordat je het weet is een situatie van pais en vree dan opeens compleet geëscaleerd tot een ronduit dramatische situatie waarin er alleen maar verliezers zijn en de beelden die mensen van elkaar hebben enorm beschadigd zijn.

Wanneer ik aan het eind van mijn werkweek de balans opmaak van wat ik dan weer allemaal vernomen heb op het vlak van dit soort escalaties, weet ik soms niet waar ik méér van onder de indruk ben: van de mate waarin communicatie tegenwoordig, middels de huidige kanalen waar mensen massaal gebruik van maken, in no time tot krommunicatie verwordt, of van de bizarre snelheid waarmee dat gebeurt.

Wat ik wel weet, is dat kanalen als WhatsApp, Messenger en wat dies meer zij de slechtste kanalen zijn die je kunt kiezen als je zorgvuldigheid, transparantie en zo min mogelijk ruis in je communicatieprocessen wilt ervaren. En toch zijn juist dié kanalen de kanalen waar mensen massaal naar grijpen, omdat het ‘zo lekker snel’ is en werkt en je ‘even snel’ kan laten weten dat je aan iemand denkt, of ‘even snel’ je behoefte aan verbinding kunt bevredigen.

Mijn advies, altijd al en nu eens te meer: kies niet voor ‘lekker snel’, maar kies voor kwaliteit en zo min mogelijk ruis. Kies voor een kanaal dat je in staat stelt zo veel mogelijk ‘je hele zelf’ in de communicatie mee te nemen: in elk geval ook je stem, en als het enigszins kan ook je lichaamstaal.
Kies voor videobellen, in plaats van voor ‘snelle appjes’ en ‘snelle emoji’s’. Naast het feit dat je het risico op miscommunicatie op die manier enorm reduceert, zul je ook ervaren dat je veel meer wérkelijke verbinding kunt voelen wanneer je met iemand videobelt dan een hele serie emoji’s van of aan die persoon je ooit kan doen voelen. Zoals communicatie slechts voor een heel klein deel kan worden toegeschreven aan de woorden die we gebruiken, zo stoelt ook het kunnen voelen van verbinding voor slechts een heel klein deel op woorden (of emoji’s) die we gebruiken. En als videobellen niet tot de mogelijkheden behoort, geef dan in elk geval bellen de voorkeur boven ‘snelle tekst-uitwisselingen’. Gun het jezelf en de ander jullie stemmen mee te nemen in de communicatie. Hóren hoe de ander iets uitspreekt, helpt enorm bij het correct interpreteren van de woorden die worden uitgesproken. En als iets dan evengoed nog niet helemaal duidelijk is: vráág naar meer duidelijkheid. Práát met elkaar – en niet slechts tegen elkaar. Ga de interactie aan en laat jezelf zien, ook als dat alleen in figuurlijke zin kan.

Voor succesvolle communicatie zijn twee partijen nodig die elk hun uiterste best doen zo goed en transparant mogelijk een boodschap over te brengen, zo zorgvuldig en ruisvrij mogelijk te communiceren, zo zorgvuldig mogelijk te luisteren naar de ander en feedback en opheldering de voorkeur te geven boven invullingen en aannames. Dat is allemaal helemaal niet zo makkelijk. Maar wel alleszins de moeite waard. En het staat of valt allemaal met een bereidheid je werkelijk te verbinden met de ander, écht te willen weten wat die ander bedoelt en werkelijke interesse te tonen.

We kunnen zo goed communiceren als in ons vermogen ligt, en we kunnen zo slecht communiceren als in ons vermogen ligt. Aan ons de keuze waar we voor willen gaan, hoe zorgvuldig we met onze communicatie met anderen om willen gaan en op welke manieren we onze communicatie ‘handen en voeten’ willen geven. Maar weet: woorden zijn per definitie gebrekkige hulpmiddelen om uiting te geven aan wat we écht bedoelen en werkelijk willen overbrengen en de klank van jouw stem zal altijd vele malen meer zeggen dan duizend woorden ooit kunnen overbrengen…

Kies en handel zorgvuldig.
Kies en handel wijs.
En laat je stem horen – heel letterlijk.

☼ © Sharon Kersten, 02-04-2020

Jij bent de vrucht van een lange lijn voorouders die al veel pandemische bedreigingen heeft doorstaan…

De dagen waarin we nog konden roepen “Het valt allemaal wel mee; het is niet veel erger dan de gewone griep” liggen achter ons. Want deze ‘griep’ blijkt in staat te zijn in een mum van tijd een gigantische druk te leggen op onze systemen en het leven zoals we dat gewend waren helemaal te ontwrichten.

Naarmate we dat meer en meer beseffen en we ons meer realiseren dat de huidige situatie niet met slechts een paar weken (of maanden) over zal zijn, kunnen er gevoelens van onrust, onzekerheid en angst toeslaan.
Dat is op zich normaal; wij mensen hebben een grote behoefte aan ‘zekerheden’ en nu niet weten wat dit allemaal voor gevolgen gaat hebben en hoe het leven er over een maand of 6, 12, 18 uit zal zien, kan een enorme spanningsfactor zijn voor velen van ons.

Wanneer we echter toestaan dat die spanning ‘ons overneemt’, kan het makkelijk gebeuren dat we Covid-19 als een enorme bedreiging gaan zien: niet alleen in zijn hoedanigheid van een virus dat in staat is complete economieën en samenlevingen te ontwrichten, maar ook als ‘ding op zich’, als virus dat voor onszelf en de mensen om ons heen fysiek gezien superbedreigend zou zijn en dat in staat zou zijn gigantische aantallen dodelijke slachtoffers te maken. Ten aanzien van dat laatste punt, kan het helpen te midden van alle onzekerheden, angsten en onrust die nu leven dingen in een realistisch perspectief te blijven plaatsen.

De afbeelding hiernaast is afkomstig van een artikel dat je hier kunt lezen. Deze infographic laat zien hoe Covid-19 zich op dit moment verhoudt tot andere pandemieën die we als mensen al hebben doorgemaakt.

Met name de bovenste afbeelding, waarin de ons bekende pandemieën op een tijdlijn zijn geplaatst, levert een indrukwekkend beeld op waar kracht en hoop – en hopelijk een stukje relatieve rust – aan te ontlenen zijn:

jij, hier, nu, bent de vrucht van een lange, lange lijn voorouders die al vele pandemische bedreigingen heeft doorstaan…

Ik hoop dat je dat voor ogen kunt houden, te midden van alles wat nu gebeurt.

Ja, er gebeuren nu allemaal dingen die helaas tot het overlijden van velen leiden en die heel veel vragen van heel veel mensen, in talloze opzichten. We zitten in zeer lastig vaarwater en deze storm zal niet op korte termijn over zijn. En er is niks dat jij en ik kunnen doen om dat te veranderen.
Waar we wél controle over hebben, is over onze eigen mind, over onze eigen gedachten óver alles wat er gebeurt, over de manier waarop wij zelf besluiten te kijken naar alles dat nu gebeurt.

Over wat gebeurt, hebben we geen controle.
Over ons eigen perspectief daarop, wel…

Journey well.
Big love,
Sharon
<3

☼ © Sharon Kersten, 19-03-2020

Het belang van rust en kalmte in onstuimige tijden

We leven in een bijzondere periode, nu.
Een transitie naar een heel andere manier van leven.

Er zijn veel onduidelijkheden omtrent het virus en de maatregelen die nu op allerlei plekken op deze planeet genomen worden en het maakt mensen bang en onrustig niet te weten waar dit alles heen gaat en hoe de wereld er over een aantal maanden zal uitzien.

Wie met een kritische blik kijkt naar feitelijke gegevens over het virus, diens aantallen, de testmethodes, de maatregelen die genomen worden en de informatie die ons via de geïnstitutionaliseerde mediakanalen bereikt, kan bijna niet anders dan concluderen dat e.e.a. heel veel vraagtekens oproept.

Waarom lopen dingen zoals ze nu lopen?
Wat is er werkelijk aan de hand?
Welke agenda’s spelen in dit alles een rol, en welke partijen pogen hun voordeel te doen met wat er nu gebeurt?
Stevenen we af op verplichte vaccinatie en zo ja, dient dat dan wel ons hoogte goed?
Zijn we onderweg naar sinistere tijden waarin ons steeds meer van onze vrijheden worden afgepakt?
Hoe verhoudt alles dat nu gebeurt zich tot onze soevereiniteit, het zelfbeschikkingsrecht waar we als mensen over (zouden moeten kunnen) beschikken?

De huidige situatie kan héél veel vragen oproepen, op velerlei niveaus.
Hadden de ‘complotdenkers’ van de afgelopen jaren en decennia dan toch gelijk?
Wat is waar, en wat niet?
Het is nagenoeg onmogelijk, op dit moment in de tijdlijn, dé waarheid te ontrafelen over alles dat nu gaande is.
Velen die dat wel pogen, ontdekken nu dat wat zij meenden dat de waarheid was achter onze systemen, tóch net weer even anders blijkt te liggen dan zij meenden.

Mijn advies, ongeacht wat je denkt, waar je in gelooft, wat je meent te weten of al te hebben ontdekt de afgelopen jaren, weken, dagen:

*** neem rust nu, en blijf kalm. ***

Ga naar buiten, de natuur in.
Ontspan.
Mediteer.
Vind manieren om in je eigen centrum te blijven.

Wat nu gaande is, is groter dan onze ‘kleine ikjes’ nu kunnen bevatten of doorgronden.
Binnen nu en een aantal maanden zullen een heleboel dingen een stuk duidelijker worden.
We moeten nu even dwars door deze ‘storm’ heen, met z’n allen.
Het is een storm die, uiteindelijk, een hoop helderheid zal geven, als het stof eenmaal neergedaald is.

Tot die tijd: blijf heel dicht bij jezelf en bewaar de rust, de kalmte – en help anderen dat ook te doen.

Beperk het tot je nemen van de continue ‘nieuwsstromen’. Van een mind die overprikkeld en overbelast is, ga je je alleen maar slechter voelen.
Maak van ontspanning en meditatie een prioriteit.
Vind manieren om kalm in je eigen centrum aanwezig te zijn, en help anderen dat ook te doen.
Rust.
Ontspan.
Ga regelmatig de natuur in als je kunt: zij helpt bij dit alles.
Drink voldoende water en zorg dat je gezond eet.
Zorg goed voor je fysieke lichaam én je geestelijke gesteldheid.
Doe dingen die je opbeuren.
Lach, breng tijd door met degenen die je lief zijn.
Zing. Praat met elkaar. Dans.
Geniet van de kleine dingen die je goed doen.

Dit is een tijd van transitie en die transitie is nodig, om redenen die ons later duidelijk zullen worden.

Haal je focus van de ‘Covid-angst’ af.
Probeer het virus van de angst te bestrijden; zij is vele malen schadelijker dan Covid zelf en angst verzwakt ons in allerlei opzichten. Stress en angst verzwakken ons immuunsysteem en daar doen we onszelf dus absoluut geen plezier mee.
Versterk liever je gestel en immuunsysteem, middels de dingen die ik hierboven genoemd heb.

This too shall pass.
Niks is wat het nu lijkt.
De duidelijkheid die we nu nog niet hebben, zal weldra komen.
Het is nooit zo donker als vlak voordat het licht wordt.

Kies voor vertrouwen.
Kies voor rust.
Kies voor vrede in je hart.
En laat dat wat je in deze periode met anderen deelt, vooral je liefde zijn.

Big Love,
Sharon

☼ © Sharon Kersten, 17-03-2020

Wat een geluk…

Wat een geluk
dat het voorjaar hier nu aanbreekt
de zon weer schijnt
het licht weer toeneemt
er weer bomen in bloesem staan
er weer narcissen en blauwe en witte druifjes zichtbaar zijn
de knoppen in de bomen aan het ontluiken zijn
en de vogels luid hun nieuwe lied zingen.

Wat een geluk
dat we weer zonder winterjas naar buiten kunnen
door de bossen kunnen wandelen
en een eind kunnen fietsen
met de zon op ons gezicht
en de wind in onze oren
onder luchten die nu schoner zijn
dan zij waren.

Wat een mooie gewaarwording
dat de ‘ratrace’ van ons rennen en vliegen van hot naar her
nu stilgelegd is
dat winkelstraten rustig en vredig zijn
en mensen nu alleen naar winkels gaan
om te kopen wat ze écht nodig hebben.

Wat een bijzondere ervaring
dat we ons nu weer realiseren wat écht belangrijk is in het leven
en dat er iets als dit voor nodig was
om ons dat ten diepste te doen beseffen.

Wat een opvallend gegeven
dat we nu beginnen vast te stellen
in groten getale
dat wanneer we kalmer zijn
wanneer we vertragen
wanneer we meer pas op de plaats maken
we veel beter dan voorheen kunnen voelen en vaststellen
wat er écht toe doet
en dat we onszelf – en elkaar – te midden van de gekte
behoorlijk kwijt waren geraakt.

Wat een enorm waardevol ‘bij-effect’,
al deze ontdekkingen, ervaringen en realisaties,
te midden van heel veel heftigheid.

Wat een bijzondere periode,
hoe je het ook wendt of keert.
Een periode waar niemand om gevraagd heeft
maar iedereen heel veel van kan leren.

In het Chinees bestaat het woord ‘crisis’ uit twee karakters.
Het ene karakter betekent ‘gevaar’,
het andere karakter betekent ‘kans’.

Ik kijk om me heen, online en in real life,
en zie een overvloed aan kansen nu
te midden van het ‘gevaar’ dat er ook is.

Twee kanten van dezelfde medaille,
twee aspecten van dezelfde munt.
Beide heel belangrijk,
beide met een boodschap.

Gaan we de boodschappen ‘pakken’?
Gaan we de kansen die we nu krijgen benutten?
Ik hoop het met heel mijn hart.

Want we verdienen allemaal een leven
dat er niet uitziet als een hamsterwiel
en waarin er gewoonweg genoeg is
voor iedereen.
Een leven waarin we in vrede met elkaar kunnen samenleven
zonder onszelf, elkaar
en de belangrijkste kernwaarden die we als mens kunnen belichamen
compleet kwijt te raken.

De ratrace heeft meer dan lang genoeg geduurd.
Het is tijd voor een verandering, een grote.
Een collectieve, een planetaire.

En volgens mij…
is dat precies wat hier, nu, overal, aan de hand is.

~ ~ ~ ~

Sharon 🙏❤️🌱

☼ © Sharon Kersten, 17-03-2020

Rechtlijnig… als riet

Ik heb altijd een hekel aan rechtlijnigheid gehad.
Of correcter gezegd: aan dat woord, ‘rechtlijnigheid’.
Het had voor mij altijd een negatieve connotatie.
Het deed me denken aan starheid, rigiditeit
en meer van dat soort ‘hardheden’
die doen denken aan blokken beton
en onneembare vestingen.

Maar gisteren complimenteerde een vriend me
met mijn rechtlijnigheid.
Waarop ik hem direct corrigeerde:
“Nee, rechtlijnig ben ik in het geheel niet.
Nooit geweest ook. Integendeel.
Ik heb juist veel te vaak
veel te lang
meegebogen
met de noden en behoeften
en wensen en verlangens
van anderen.
Tot vervelens toe
en tegen beter weten in.”

“Jawel,” zei die vriend
“maar uiteindelijk ben je nooit écht van je plek geweken.
Uiteindelijk ben je altijd blijven staan
voor de dingen die voor jou ‘heilig’ zijn,
sacred, essentieel en niet-onderhandelbaar.
Uiteindelijk heb je, als het erop aan kwam,
altijd gekozen voor dat wat het enige juiste was.
Voor dat wat rechtvaardig is
en nooit geweld mag worden aangedaan.

Je boog wel, en vaak heel veel,
veel verder dan goed voor je was,
maar je hebt je nooit helemaal uit je kracht laten halen.
Als het erop aan kwam, bleef je stáán,
stevig geworteld in je eigen kern en kracht.
Je was zéér buigbaar
maar hebt je nooit laten breken.

Je bent vaak tot het uiterste gegaan
maar hebt altijd een rechte lijn weten te behouden:
de lijn van jou, van wie jij bent
en van alles waar jij ten diepste voor staat.
En dát is een rechtlijnigheid
die goud waard is:
zelf een rechte lijn weten te blijven,
hoezeer en hoe ver anderen je ook
uit het lood proberen te duwen.”

En opeens zag ik het
in mijn geestesoog:
het beeld van de rietstengel.
Buigzaam, zéér buigzaam,
maar altijd een rechte lijn houdend,
altijd geworteld blijvend in de eigen basis
en nooit brekend,
hoe heftig de winden soms ook waaiden
en de stengel tot het uiterste dreven.

Rechtlijnig
zoals een rietstengel dat is.
Ja, in dat beeld herken ik mezelf wel.
En meer dan dat:
dat beeld zegt,
in al haar visuele en symbolische facetten,
meer over mij
dan een pagina vol woorden zou kunnen zeggen.

Vandaag kwam ik tot twee maal toe
een groep rietstengels tegen
tijdens mijn wandeling.
Een vriendelijk briesje deed hen dansen
en de zon accentueerde hun prachtige vormen.
Ik zag schoonheid, souplesse en fierheid.
Flexibiliteit en kracht,
stevigheid en dynamiek,
sierlijkheid en geworteldheid
allemaal tegelijkertijd.

‘Rechtlijnig’ zou nooit meer dezelfde betekenis hebben.
Vandaag sloot ik ‘rechtlijnigheid’ in mijn hart.
Maar eigenlijk was dat helemaal niet nodig:
het had daar
op de juiste manier
altijd al gezeten.

🙏 💚

☼ © Sharon Kersten, 14-03-2020


‘De uitnodiging’ (Oriah)


Het interesseert me niet wat je doet voor de kost. 
Ik wil weten waar je naar hunkert
en of je ervan durft te dromen het verlangen van je hart te ontmoeten.

Het interesseert me niet hoe oud je bent.
Ik wil weten of je het risico zult lopen er als een dwaas uit te zien
omwille van liefde, je dromen, het avontuur van in leven zijn.

Het interesseert me niet welke planeten een vierkant maken met je maan.
Ik wil weten of je de kern van je eigen leed hebt aangeraakt,
of je geopend bent door het verraad van het leven
of dat het je heeft doen ineenkrimpen
en ertoe heeft geleid dat je je bent gaan afsluiten voor je angsten en verdere pijn.

Ik wil weten of je met pijn samen kunt zijn, de mijne of die van jezelf,
zonder te bewegen om haar te verbergen of te doen vervagen of te fiksen.

Ik wil weten of je met vreugde samen kunt zijn, de mijne of die van jezelf,
of je kunt dansen met wildheid en je je kunt laten vullen door extase

tot in je vingertoppen en je tenen,
zonder ons te waarschuwen voorzichtig te zijn, realistisch te zijn,
ons de beperkingen van mens-zijn te herinneren.

Het interesseert me niet of het verhaal dat je me vertelt waar is.
Ik wil weten of je een ander kunt teleurstellen om trouw te zijn aan jezelf,
of je de beschuldiging van verraad kunt verdragen en je in staat bent je eigen ziel niet te verraden,
of je ongelovig kunt zijn en, daardoor, betrouwbaar.

Ik wil weten of je Schoonheid kunt zien ook als niet elke dag mooi is
en of je dat als bron voor je eigen leven kunt benutten.

Ik wil weten of je met mislukking kunt leven, de jouwe en de mijne, 
en nog steeds aan de oever van het meer kunt staan en naar het zilver van de volle maan kunt roepen: “Ja.”

Het interesseert me niet te weten waar je woont of hoeveel geld je hebt. 
Ik wil weten of je op kunt staan na de nacht van verdriet en wanhoop, vermoeid en verpletterd,
en doet wat gedaan moet worden om de kinderen te eten te geven.

Het interesseert me niet wie je kent of hoe jij hier bent beland.
Ik wil weten of je in het centrum van het vuur zult staan met mij zonder terug te deinzen.

Het interesseert me niet waar of wat of met wie je hebt gestudeerd.
Ik wil weten wat jou van binnenuit kracht en steun geeft als al het andere wegvalt.

Ik wil weten of je alleen kunt zijn met jezelf
en of je werkelijk houdt van het gezelschap dat je hebt in de lege momenten.”

~ Oriah

(Ook wel bekend als Oriah Mountain Dreamer, zie www.oriahmountaindreamer.com)
Oorspronkelijke titel: The Invitation, © Oriah Mountain Dreaming
© Deze vertaling: Sharon Kersten


“De creatieve volwassene is het kind dat het heeft overleefd.”

Een prachtige uitspraak van Julian F. Fleron die mij altijd weer raakt.

Natuurlijk is creativiteit niet voorbehouden aan mensen die als kind trauma’s of heftige situaties hebben meegemaakt. En natuurlijk zijn er ook zeer begenadigde kunstenaars die ongeschonden door hun kindertijd heen zijn gekomen. Maar het is wel opmerkelijk dat héél veel mensen die als kind heftige dingen hebben meegemaakt indrukwekkend creatief zijn in hun volwassen leven, vaak zowel op ‘uitvoerend’ vlak als op ‘mentaal’ vlak.

Om bepaalde situaties te kunnen ‘overleven’, moéten we op de een of andere manier onze scheppende (creërende, creatieve) vermogens wel aanwenden – opdat we iets ánders voor onszelf kunnen creëren dan de situatie waar we in zitten.

Middels artistieke creaties kunnen we gevoelens en emoties kanaliseren en externaliseren, kunnen we uiting geven aan wat niet op een andere manier geuit kan of mag worden. We kunnen ‘erin stoppen’ wat we niet op andere manieren kenbaar willen, kunnen of durven te maken. Of we kunnen een ‘wereld’ creëren die beter, fijner, mooier, prettiger of veiliger is dan de wereld die onze realiteit is, of was.

Als we ‘scheppend’ bezig zijn kunnen we zelf iets creëren dat aansluit bij een behoefte die we op dat moment hebben. Creëren kan ons helpen dingen te verwerken, emoties en gevoelens te ontladen of dingen juist even te ‘vergeten’.

Creativiteit op mentaal vlak kan juist enorm behulpzaam zijn om oplossingen of uitwegen te vinden in situaties waarin de ‘gewone’ gang van zaken en meer ‘lineair’ denken ons zouden vasthouden in een realiteit die beperkend of beschadigend is, of was. Wie ‘out of the box‘ kan denken, kan oplossingen, alternatieven en uitwegen vinden die niet gevonden kunnen worden wanneer we alleen onze logica, onze rationele mind benutten.

Ik werk veel met mensen die pittige trauma’s hebben doorgemaakt – een deel van hen als kind, een ander deel van hen als volwassene en weer anderen zowel als kind als als volwassene. En het is opmerkelijk hoeveel van degenen die als kind misbruik (van welke aard ook) of andere heftige traumata hebben doorgemaakt, nu als volwassene enorm creatief zijn, de meest prachtige artistieke creaties maken én over een zeer creatieve mind beschikken: een mind die hen oplossingen en mogelijkheden laat zien die anderen ontgaan of die anderen niet eens kunnen verzinnen.

Ons vermogen dingen te creëren, te scheppen, is misschien wel het belangrijkste vermogen dat we hebben om bepaalde situaties te overleven. Zolang we kunnen creëren, kunnen we iets ánders creëren dan dat wat is, of was. Zolang we kunnen scheppen, kunnen we voelen en ervaren dat we een verschil kunnen maken met dat wat wij zelf doen; kunnen we ervaren dat we invloed hebben op dingen en ervaren dat wat wij doen, ertoe doét.

Als we één ding kunnen creëren dat er voorheen nog niet was, moet dat, volgens de wetten van de logica, ook voor méér dingen kunnen gelden. Dit besef geeft niet alleen ‘hoop’ maar bovenal: kracht.

Zelf scheppen, zelf creëren, geeft mensen kracht. Het versterkt het gevoel van eigenwaarde, het bewustzijn van de eigen waarde en ‘waardigheid’ en het geloof in eigen kunnen.

De kleuter die als klein mukje troost vond in creatief bezig zijn had een onwijs krachtige therapeut gevonden, ver voordat hij of zij het woord ‘therapeut’ ooit gehoord had: de therapeut in het kindje zelf, die precies wist wat er nodig was om uiting te geven aan ‘het onuitbare’ en om te midden van alle chaos en pijn een veilig plekje te creëren waar niemand anders bij kon komen, waar niemand de boel kon komen beschadigen, waar niemand pijn kon doen. Een eigen wereldje waar het fijn en veilig was, en waar verwerking en heling plaatsvonden, ver voordat dat kleine mukje ooit de eerste stappen zou gaan zetten om als volwassene te gaan helen van de verwondingen uit die periode…

The creative adult is the child who has survived.” Het is in veel gevallen héél erg waar.

☼ © Sharon Kersten, 03-05-2019

Herken jij jezelf in bovenstaande? Raakt het lezen van deze tekst iets in jou, persoonlijk? Dan kan het zijn dat ook jij een ‘survivor’ bent, op welke wijze of in welk opzicht dan ook. Als dat zo is gaat al mijn liefde en compassie naar jou uit en ben ik vooral ontzettend blij dát je het overleefd hebt. ♥

Mocht je op enig moment behoefte hebben aan een stukje professionele ondersteuning om aan (verdere) heling van dingen te werken, schroom dan niet een consult aan te vragen. Je bent van harte welkom.


Met de jaren leerde ik…

Met de jaren leerde ik
dat liefde niks met prinsen en witte paarden te maken heeft
en alles met liefhebben op ontelbare subtiele
vaak ‘kleine’ maar heel grootse
manieren.

Dat liefde niet schreeuwt
maar zachtmoedig is,
niet over dramatiek gaat
maar over echte, échte verbindingen
en over stiltes die spreken over
dat wat niet in woorden is uit te drukken.

Over aanrakingen op zielsniveau
en hartritmes die synchroon lopen.
Over herkenning en respect,
de moed volkomen kwetsbaar te zijn
en het vertrouwen dat dat bij de ander in veilige handen is.

Over de bereidheid alles wat eng is te doen
alles wat moeilijk is aan te gaan
en als het nodig zou zijn alles te riskeren
om alles te beschermen
en alles te winnen.

Ik leerde dat liefde soms voor zwijgen kiest
in plaats van voor praten
om in de stilte te beschermen
wat door woorden beschadigd zou kunnen worden.

Dat liefde zich laat zien in gedragingen
die zonder expliciete woorden zeggen
‘ik kies nu bewust voor dit maffe gedrag,
deze grap, deze ijsbreker,
om de liefde te beschermen
en zo te voorkomen dat zij misschien
door andere woorden beschadigd zou kunnen raken’.

Ik leerde hoe liefde spreekt uit
“vertel me over je dag”
“laat het me even weten als je weer veilig thuis bent”
en
“doe een jas aan, anders vat je kou”.

Ik leerde de liefde lezen
in twinkelingen in ogen
in omhoog krullende mondhoeken
in rimpeltjes die zichtbaar worden wanneer ogen stralen
in warme omarmingen, ook als zij niet fysiek waren
in vragen over wat me bezighield
in oprecht luisterende oren
in presentie in plaats van absentie als het leven even moeilijk was
in veiligheid die geboden werd, door te blíjven waar anderen afhaakten
in geen weerstand tegen mijn minder leuke trekjes
in geen gevecht maar koestering, zowel in woorden als in daden
in geen angsten voor dat wat in mij soms somber en donker is
in schouder aan schouder staan, kome wat komen zal
in onvoorwaardelijkheid en totaal vertrouwen
in ontwapening
en onzichtbare draden die voor eeuwig verbinden
en in de momenten waarop mijn ziel gestreeld werd
en zich door subtiele aanrakingen diepgaand gekoesterd voelde.

Ik leerde dat de grootsheid van liefde vooral spreekt
uit vele ‘kleine’ dingen
die stuk voor stuk immens zijn.

En hoe meer ik dit leerde,
hoe meer ik me geliefd wist
en hoe meer ik míjn liefde kon laten stromen
naar daar waar liefde werkelijk was.

☼ © Sharon Kersten, 27-04-2017


De strijd voorbij: laten we dansen, liefste…

De laatste maanden heb ik met een dierbare vriendin een aantal goede, openhartige en eerlijke gesprekken gevoerd over een interessant onderwerp waar ik ook binnen mijn praktijk regelmatig mee in aanraking kom: de verdeling van de mannelijke en de vrouwelijke energieën binnen een heteroseksuele relatie – en de uitwerking daarvan.

Yin & Yang

Als we een heteroseksuele partnerrelatie bekijken als een gesloten (of semi-gesloten) systeem waarbinnen er een bepaalde balans dient te zijn tussen mannelijke en vrouwelijke energieën, dan rijst al snel het beeld van het yin-yang symbool als een beeld dat mooi illustreert hoe zo’n ‘perfecte’ balans eruit kan zien.

In alles wat mannelijk is, is ook iets vrouwelijks aanwezig en in alles wat vrouwelijk is, is ook iets mannelijks aanwezig. Het mannelijke (yang) kent ook een vrouwelijk deel, en het vrouwelijke (yin) kent ook een mannelijk deel. En mannelijk en vrouwelijk samen, juist in die hoedanigheid, houden elkaar in balans en completeren elkaar tot een ‘perfect’ geheel.

Of je nu een man of een vrouw bent, en heteroseksueel, homoseksueel of biseksueel: in ieder van ons zijn zowel mannelijke als vrouwelijke energieën aanwezig.
En in het ‘klassieke’ scenario van een heteroseksuele relatie domineert in de man de mannelijke energie – waarbij de man ook toegang heeft tot ‘vrouwelijke’ energieën en kwaliteiten – en in de vrouw de vrouwelijke energie – waarbij de vrouw ook toegang heeft tot ‘mannelijke’ energieën en kwaliteiten. Voor massa’s mensen heeft dit in heel veel tijden prima gewerkt.

Hoe een poging tot vooruitgang leidde tot een verlies

In recente decennia zijn we echter, zeker in de westerse wereld, massaal aan de slag gegaan met zelfontwikkeling, zelfbevrijding, emancipatie en een heel breed strijden voor en streven naar meer ‘gelijkheid’ tussen mannen en vrouwen. Daaruit zijn prachtige dingen ontstaan en deze dynamieken hebben zeker voor vrouwen heel veel waardevolle verworvenheden opgeleverd die geen enkele vrouw volgens mij zou willen missen. Maar hand in hand met deze dynamieken is er óók iets anders gebeurd: veel vrouwen zijn zich meer en meer gaan verbinden met hun mannelijke energie, om dingen gedáán te krijgen, om hun stem te laten horen, om de stappen te maken die ze zo graag wilden maken.

Veel vrouwen zijn zich sterk gaan verbinden met ‘mannelijke’ kwaliteiten als actiegerichtheid, wilskracht, doelgerichtheid, strijdbaarheid, fysieke en mentale kracht, ratio, logica en intellect, de “ik-wil-het-dus-ik-zal-het-voor-elkaar-krijgen”-mentaliteit, dingen realiseren door ‘hard werken’ en strijd, door doén. En dat is vaker wel dan niet ten koste gegaan van hun verbinding met hun eigen ‘vrouwelijke’ energie en kwaliteiten waaronder bijvoorbeeld het vermogen je kwetsbaar op te stellen, het vermogen tot acceptatie en vergeving, het vermogen te delen met anderen, het werken met de ‘zachte kracht’ die gelegen is in kwaliteiten als zachtheid, compassie, affectie, empathie, begrip, ondersteuning, delen, ontvankelijkheid, het in contact zijn met de eigen diepe emoties, gevoelens en intuïtie, het vermogen tot diepgaand voelen en het vermogen dingen te laten ontstáán door een ‘kanaal’ voor energie te zijn – in plaats van door dingen ‘af te dwingen’ met behulp van allerlei ‘mannelijke’ kwaliteiten.

‘Wij vrouwen van nu’ hebben leren strijden – maar men heeft ons niet geleerd hoe we dat konden doen op een wijze die waarlijk past bij wie en wat we als vrouw ten diepste zijn. De vloedgolven en naweeën van de grote emancipatiebewegingen die we in het westen hebben gezien hebben ons niet geleerd hoe wij onze vrouwelijke kwaliteiten konden ‘sublimeren’, konden ‘verheffen’ tot een ánder niveau waar we de kracht zouden vinden die we zochten op een manier die ons als vrouwen krachtiger zou maken en recht zou doen, een manier die past bij wie en wat een vrouw ten diepste ís en de kwaliteiten en vermogens die zij van nature heeft.

Wat ons geleerd is, is in wezen de strijd aan te gaan met mannen, en wel door ons te verbinden met de mannelijke energieën, kwaliteiten en vermogens in onszelf die ons konden helpen te gaan stáán voor waar we in geloven, ons te laten zien, ons te laten horen en te strijden voor dat waarvan we vinden dat het ons recht is of ons toekomt – op een ‘mannelijke’ manier. Hoewel niet te ontkennen is dat dit ‘leren werken met de mannelijke energie in onszelf’ heeft bijgedragen aan empowerment van een heleboel vrouwen én aan de ‘zichtbaarheid’ van veel vrouwen in deze wereld waarin mannelijke energieën nog steeds de boventoon voeren, ben ik van mening dat met de manier waarop de emancipatie van vrouwen heeft vorm gekregen de plank in een aantal opzichten ook flink is misgeslagen en dat we daar nu een hoge prijs voor betalen – de vrouwen, de mannen en het collectief als geheel.

Het sterker ontwikkelen van de ‘mannelijke’ energieën en kwaliteiten in vrouwen heeft, in het geval van veruit de meeste vrouwen, geleid tot een minder krachtige verbinding met hun eigen vrouwelijke energieën en kwaliteiten. En dat is een groot, gigantisch verlies.


Yang + Yang = onbalans en strijd

Grijpen we terug op het yin-yang symbool, dan zou je kunnen zeggen dat de vrouw meer yang (mannelijke energie) in zichzelf heeft gemobiliseerd of versterkt, ten koste van haar eigen yin (vrouwelijke energie). En er komt bij heel veel vrouwen een punt waarop dat gaat wringen, meestal wanneer zij in een heteroseksuele relatie zijn met een man die óók veel yang in zich draagt – omdat dat nou eenmaal de energie is die in hem van nature het sterkst aanwezig is.
Dit is het punt waarop de vrouw die bovenstaand proces doorstaan heeft twee dingen begint te voelen of beseffen die alles met elkaar te maken hebben: enerzijds de realisatie dat er binnen haar heteroseksuele partnerrelatie sprake is van een situatie die niet echt prettig is en ook niet echt goed werkt omdat er steeds conflicten ontstaan als een gevolg van twee sterke porties yang-energie die samen door één deur pogen te gaan maar onderling geen fijn evenwicht vinden, en anderzijds het gevoel dat er iets ‘mist’ en het besef dat zij een deel van haarzelf en een belangrijke bron van haar authentieke kracht ergens onderweg op haar ‘pad van strijd’ is kwijtgeraakt.

In de vrouw die zich sterk is gaan verbinden met de mannelijke energieën en kwaliteiten – om wat voor reden dan ook – neemt de hoeveelheid yang-energie toe en krijgt deze de overhand. Kijken we naar het beeld van het yin-yang symbool, dan wordt al snel duidelijk dat er dan alleen een balans behouden kan blijven als de hoeveelheid yin-energie (vrouwelijke energie) evenredig afneemt: het is een gesloten systeem dus als er meer yang wordt aangewend of geactiveerd, dient yin logischerwijze deels plaats te maken voor yang. Wanneer de mannelijke partner in die relatie tegelijkertijd eenzelfde proces in ómgekeerde vorm doormaakt – door zich sterker te gaan verbinden met de vrouwelijke energieën en kwaliteiten, waardoor in hem de hoeveelheid yang afneemt en de hoeveelheid yin toeneemt – kan het geheel prima in balans blijven. Maar dát gebeurt vaak niet, of niet op een wijze die de ‘perfecte’ balans in stand kan houden.

Wat vaak gebeurt, is dat béide partners op enig moment meer yang dan yin in zich dragen, met als een compleet logisch gevolg daarvan heel wat clashes, aanvaringen, strijd, ‘verharding’, een veelal mentale en intellectuele benadering van allerlei relatie-aspecten (waaronder gevoelens en emoties) en bar weinig ruimte voor zachtheid, voelen, aanvoelen en invoelen en allerlei andere meer ‘vrouwelijke’ aspecten en kwaliteiten. De balans is dan zoek en de relatie verwordt tot een sequentie van kleine en grotere clashes en velerlei vormen van strijd. En daar wordt niemand blij van.


Herstel van de balans

Om – in het gesloten systeem zoals dat hier geschetst wordt – weer tot balans te komen, dient bij één van de partners de vrouwelijke energie weer dominant te worden terwijl bij de andere partner de mannelijke energie dominant blijft. De meest ‘logische’ weg hiernaartoe is de weg waarbij de vrouw leert zich weer meer te verbinden met haar vrouwelijke energieën en kwaliteiten: een terugkeer, voor die vrouw, naar meer zachtheid, meer kwetsbaarheid, meer ontvankelijkheid, meer ruimte voor voelen, intuïtie en al die andere ‘vrouwelijke’ kwaliteiten en vermogens die hierboven benoemd zijn; een verzachting die de ‘hardheid’ en de strijd uit de relatie (en uit de vrouw…) kan halen en die de vrouw kan laten ervaren dat zachtheid, de vrouwelijke zachtheid, in de kern een enorme bron van kracht (!) is.

Uiteraard kan de balans ook hersteld worden wanneer yang in de vrouw dominant blijft en de man ervoor kiest yin dominant te laten worden, en hoewel we waarschijnlijk allemaal wel een koppel kennen voor wie dat prima werkt merk ik in mijn praktijk dat ook dát scenario uiteindelijk vaak tot veel onvrede, aan beide kanten, leidt: vroeg of laat lijkt er in dat scenario altijd een punt te komen waarop de man zijn yang-kracht gaat missen en/of het gaat wringen dat de yang-energie in zijn vrouwelijke partner zo veel sterker aanwezig is dan in hemzelf, óf er komt een punt waarop de vrouw het niet meer prettig vindt dat haar mannelijke partner zo ‘yin’ is waardoor hij niet meer echt in zijn kracht staat, en/of waarop de vrouw, aanvankelijk vaak heimelijk, later vaak steeds openlijker, aangeeft dat ze een enorme behoefte voelt “gewoon weer vroúw” te zijn in de relatie…


Vrouwen die het anders willen en weer vrouw willen zijn – met een man die man wil zijn

Ik ontmoet, zowel in als buiten mijn praktijk, steeds meer vrouwen die het, in alle eerlijkheid, steeds meer zat zijn “altijd maar sterk te moeten zijn”. Vrouwen die bergen hebben verzet en vaak op vele fronten de kar trekken maar die dat, diep van binnen, helemaal niet altijd meer wíllen. Vrouwen die wéten dat ze sterk zijn maar die helemaal niet altijd meer zín hebben om sterk te zijn of ‘de sterke rots’ in de relatie te zijn. Vrouwen die snákken naar een betere verbinding met hun vrouwelijke energieën en kwaliteiten, waarvan ze beseffen dat ze deze gaandeweg hun levenspad, toen ze hard aan het werk waren om allerlei dingen voor elkaar te krijgen, nogal hebben verwaarloosd en vaak zelfs ronduit hebben onderdrukt. Vrouwen die zich schamen het hardop uit te spreken – omdat ze dan aangevallen worden door andere vrouwen die (nog) sterk vanuit het paradigma van strijd en “vechten voor je rechten” denken en leven – maar die nu eigenlijk heel graag in een veel ‘vrouwelijkere’ energie willen stappen en binnen hun relaties dolgraag een veel ‘vrouwelijkere’ rol op zich willen nemen. Vrouwen die zich weer willen verbinden met hun zachte, sensitieve en kwetsbare kant en die hun vrouwelijke kwaliteiten weer centraal willen stellen en van dááruit hun aandeel willen leveren aan het geheel dat de relatie is.
Vrouwen die weer vróuw willen zijn, binnen een systeem met een mannelijke partner die mán wil zijn.

Het is een groeiende schare vrouwen die steeds zichtbaarder wordt: vrouwen die de strijd voorbíj zijn en nu graag willen leren dansen: de dans van de mannelijke en de vrouwelijke energie, waarbij de partners wezenlijk anders zijn maar precies de juiste raakvlakken hebben die hen binnen de dans met elkaar kunnen verbinden, en waarbij de partners elkaar optimaal kunnen completeren juist omdát ze wezenlijk anders zijn. De dans waarbinnen dat wat wezenlijk verschillend is samenvloeit tot een perfect geheel dat één is en een mooie innerlijke balans kent.

“Laten we dansen, liefste…” – want als we leren dansen, vanuit onze authentieke krachten en kwaliteiten, dan vinden we elkaar wel weer.

☼ © Sharon Kersten, 28-09-2013


error: Content is protected !!

Deze website maakt gebruik van cookies. Door gebruik te maken van deze website ga je hiermee akkoord. Meer informatie

Deze website maakt gebruik van essentiële cookies die als doel hebben de website goed te laten functioneren en van eenvoudige cookies die je in staat stellen de content van deze website te delen via een aantal social media platformen. Deze website maakt géén gebruik van cookies die aan advertenties of gerichte tracking-doeleinden gerelateerd zijn. Meer informatie over cookies en de bepalingen die daarover middels de Cookiewet zijn vastgelegd vind je op de pagina 'Cookieverklaring', te bereiken via de hyperlink 'Cookieverklaring' onderaan deze webpagina. Meer informatie over het cookie-gebruik van www.sharonkersten.com en de redenen daarvan vind je in de privacyverklaring, te bereiken via de hyperlink 'Privacyverklaring' onderaan deze webpagina. Door verder te navigeren op c.q. gebruik te maken van deze website ga je akkoord met het cookie-gebruik van www.sharonkersten.com. Als je niet akkoord bent met het cookie-gebruik van deze website word je vriendelijk verzocht geen gebruik te maken van deze website.

Sluiten